"Ik heb veel de vraag gekregen waarom ik koos voor een vrouwenberoep."

“Ik heb veel de vraag gekregen waarom ik koos voor een vrouwenberoep.”

Simon Hay, pedagoog

Allereerst: waarom heb je ervoor gekozen om pedagoog te worden en bij de kinderopvang te werken?

“Toen in 12 jaar oud was is mijn jongste broertje geboren (ik heb daarnaast nog een twee jaar jongere broer en een vier jaar jongere zus). Vanaf het eerste moment hebben we veel met elkaar opgetrokken. Hij wilde overal mee naartoe en ik vond dat ook heel gezellig. Ik vond het bijzonder om van zo dichtbij een mens te zien ontwikkelen. Het enige wat ik hoefde toe doen was hem zich op zijn gemak te laten voelen. Hij stelde vervolgens vragen, deelde zijn mening en visie op de wereld. Ik raakte gefascineerd door het perspectief van kinderen en wilde graag met kinderen werken. Ik heb eerst een aantal jaar als pedagogisch medewerker op baby- dreumes-, peuter- en buitenschoolse opvang gewerkt. Daarna heb ik als locatiemanager gewerkt en ben deeltijd pedagogiek gaan studeren aan de Universiteit van Leiden. Vanaf 2008 werk ik als pedagoog.”

Heb je het idee dat er voor mannen meer obstakels zijn om pedagoog te worden? Of om bij een kinderopvang te werken?

“Jazeker, maar door de obstakels te hebben moeten trotseren ben ik snel vakvolwassen geworden. Ik heb voornamelijk obstakels ervaren toen ik op de groep werkte als pedagogisch medewerker. Toen ik met baby’s werkte vonden een aantal ouders het niet prettig dat een man bij hun kind op de groep stond. Ik heb geleerd dat de zorg van ouders niet mij als persoon betreft, maar het feit dat ik een man ben. Toen ik dit realiseerde ben ik de situatie als een mooie uitdaging gaan zien: ik wilde ouders laten ervaren dat ik net zo goed voor hun kind kon zorgen als mijn collega’s. Als dat lukt en als ouders dan aangeven een man op de groep een mooie aanvulling te vinden, ervaar ik dat wel als overwinning.

Een ander obstakel vond ik, zeker toen ik net ging studeren, de reacties van mijn omgeving op mijn beroepskeuze. Gelukkig was mijn directe omgeving heel ondersteunend, maar ik heb ook veel de vraag gekregen waarom ik koos voor een vrouwenberoep. Hoe ouder ik werd hoe minder de mening van de omgeving ertoe ging doen, maar als je jong bent is het lastig om buiten de groep te vallen.”

Ben je als man vaak in de minderheid tussen andere pedagogen? Zo ja, hoe is dat?

“Ja, ik ken geen andere mannelijke pedagoog werkzaam binnen de kinderopvang. Er zullen er vast nog meer zijn, maar het zijn er niet veel. Maar elke situatie heeft voor- en nadelen. Natuurlijk is het jammer niet te kunnen afstemmen met iemand in exact dezelfde positie als ik, maar tegelijkertijd ervaar ik heel goed contact met mijn vakgenoten. Ik merk dat ik mijzelf niet meer als uitzondering zie, maar ik word soms geconfronteerd met mijn uitzonderingspositie door een ander die vraagt hoe het is om de uitzondering te zijn. Dan denk ik “oh ja, ik ben inderdaad de enige man die aanwezig is”. Met andere woorden:  ik voel mij heel prettig in de sector.”

Heb je wel eens gehad dat mensen verbaasd reageren als je hen vertelt wat je doet of wilde gaan doen? Of gebeurt het wel eens dat mensen niet begrijpen waarom jij, als man, pedagoog bent? Zo ja, kun je daar een voorbeeld van geven? Hoe voelt dit voor jou?

“Ik heb dat heel vaak. Ik vind dat ook wel leuk, en ik maak er ondertussen een geintje van. Ik vind het wel mooi om mensen die verbaasd reageren als ik zeg dat ik in de kinderopvang werk, te confronteren met hun genderstereotypering. Als ik hen vraag in welke sector zij dachten dat ik werkzaam ben, dan zie je ze wat ongemakkelijk naar antwoorden zoeken. Vaak volgt daarna een leuk gesprek over de inhoud van mijn vak in plaats van over wie wel of niet in de kinderopvang ‘hoort’ te werken.”

We spraken laatst een automonteur met een eigen garage, zij vertelde dat nieuwe klanten haar vaak bij binnenkomst ‘is er niemand?’ vragen omdat ze niet verwachten dat zij de monteur is. Heb je vergelijkbare ervaringen? Gaan mensen er ook wel eens van uit dat jij iets anders doet op jouw werkplek?

Op kinderopvanglocaties word ik door andere ouders wel eens gevraagd van welk kind ik de vader ben. Als ik dan de namen van mijn kinderen noem en er zichtbaar geen belletje gaat rinkelen bij de ouder, dan vertel ik dat mijn kinderen niet naar deze opvang gaan en dat ik hier werk. De ander confronteren met genderstereotypering blijft leuk.